Bijensterfte neemt wereldwijd en in Nederland alarmerend toe. Deze website beoogt kennis en ontwikkelingen in wetenschap en beleid rond de vele oorzaken van bijensterfte inzichtelijk en toegankelijk te maken voor een breed publiek. Aanleiding was de brief in NRC van 2 mei 2009. We beogen verifieerbare, traceerbare informatie te bieden met bronvermeldingen en links naar de primaire bronnen uit de wetenschappelijke literatuur.

- Uitleg probleem neonicotine insecticiden (o.a. imidacloprid)
- Effects of neonicotinoid pesticide pollution of Dutch surface water on non-target species abundance
- Volg de meest actuele ontwikkelingen via Twitter

Extreme Normoverschrijdingen van Insecticiden in de Bollenteelt

Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft in 2005 en 2006 op 20 locaties verspreid over bollengebied bijna het hele jaar maandelijks de bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater gemeten. In 2005 lagen van 10 gemeten stoffen 4 stoffen boven de MTR (= maximaal toelaatbaar risiconiveau) norm (40%). In 2006 lagen van 9 gemeten stoffen 2 stoffen boven de MTR norm. De hoogste gemeten concentratie van het voor bijen zeer giftige insecticide imidacloprid lag in 2005 meer dan 24000x boven de norm en in 2006 meer dan 15000x boven de norm. Ook op een andere locaties van bollenteelt in het Noord-Hollands zandgebied hebben de verschillende waterschappen hoge normoverschrijdingen van imidacloprid in het oppervlaktewater gemeten sinds 2004. Hoge normoverschrijdingen van andere voor bijen zeer giftige insecticiden (carbamaten en organofosfaten) werden ook vastgesteld in bollenteelt gebieden. De bollenteelt concentreert zich in Nederland op zandgrond, dat zeer kwetsbaar is voor uitspoeling.

Extreme Normoverschrijdingen van Insecticiden in de Glastuinbouw

Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft in 2005 en 2006 in twee glastuinbouw gebieden op 4 locaties maandelijks gedurende het hele jaar de bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater gemeten. In 2005 lagen van 58 gemeten stoffen 18 stoffen boven de MTR (maximaal toelaatbaar risiconiveau) norm (31%). In 2006 lagen van 50 gemeten stoffen 14 stoffen boven de MTR norm (28%). De hoogste gemeten concentratie van het voor bijen zeer giftige insecticide imidacloprid lag in 2005 meer dan 9000x boven de norm en in 2006 meer dan 34000x boven de norm. Maar ook de concentraties van andere insecticiden (carbamaten en organofosfaten) lagen ver boven de norm. Telers erkennen dat waterstromen op glastuinbouwbedrijven resten van gewasbeschermingsmiddelen bevatten. Zowel recirculatie-, spui-, filterspoel-, condens- als bassinwater van glastuinbouwbedrijven bevatten gewasbeschermingsmiddelen. Restwater van bedrijven kan bij lozing dus het oppervlaktewater vervuilen. Vooral in spui- en filterspoelwater kunnen hoge concentraties voorkomen. Veel ondernemers zien echter op dit moment geen mogelijkheden om de emissie nog meer te beperken.

Extreme Normoverschrijdingen van Imidacloprid in de Randstad

Sinds 2004 (toen de toelating van het insecticide imidacloprid ingrijpend verruimd werd) zijn extreme normoverschrijdingen van imidacloprid in het oppervlakte water van de Randstad gemeten. De hoogste gemeten imidacloprid concentratie (19 december 2005) overschreed bijna 25.000 keer de (ad hoc) MTR (maximaal toelaatbaar risiconiveau) norm voor oppervlaktewater. De normoverschrijdingen liggen vaak veel hoger dan de imidacloprid concentraties die in laboratorium studies sterfte van honingbijen veroorzaken. De massale bijensterfte van de laatste jaren in de regio Amsterdam, Groene Hart, Bollenstreek en Rijnmond is dus mede veroorzaakt door milieuvervuiling met het voor bijen zeer giftige imidacloprid, dat o.a. wordt toegepast in de glastuinbouw, bollenteelt en boomteelt.

Hoge Normoverschrijdingen van Carbamaten en Organofosfaten in Nederland

Naast de enorme normoverschrijdingen van het voor bijen zeer schadelijke imidacloprid in het oppervlaktewater van de Randstad zijn sinds 2004 ook hoge normoverschrijdingen gemeten van andere voor bijen zeer giftige insecticiden, met name carbamaten en organofosfaten. In 2007 was er nog steeds veelvuldig gebruik van organofosfaten in de glastuinbouw van Zuid-Holland. Extreme normoverschrijdingen van dichloorvos werden gemeten in het Westland. De toepassing van carbendazim in de bollenteelt en boomteelt veroorzaakt ook hoge normoverschrijdingen in de Randstad. In Brabant en Limburg werden in 2007 hoge normoverschrijdingen van chloorpyrifos gemeten.

UK Soil Association starts petition for a ban on neonicotinoids

The Netherlands is not the only country that started a petition to ask policy makers to take measures to stop honeybee decline. The UK Soil Association has started a petition calling on the Government to protect honeybees and ban neonicotinoid pesticides. See:
http://www.soilassociation.org/Takeaction/Savethehoneybee/tabid/434/Default.aspx

The text of the petition is:
We, the undersigned support the Soil Association in calling on Hilary Benn, the UK’s Secretary of State for Environment, Food & Rural Affairs to ban neonicotinoid pesticides with immediate effect. These pesticides have been shown to kill honeybees and are thought to be a contributory factor in the recent dramatic increase in honeybee deaths.

In a briefing paper the background of the petition is explained.

Bijensterfte 1 juli op agenda AO vaste kamercommissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)

Op 1 juli a.s. staat bijensterfte op de agenda van het Algemeen Overleg van de vaste kamercommissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) over Verduurzaming glastuinbouw. De vergadering is openbaar. De agenda vindt u hieronder.

Meer weten over wat glastuinbouw te maken heeft met bijensterfte? Bekijk de studium generale lezing Bijensterfte en insecticiden van toxicoloog Dr. Henk Tennekes, of lees de feiten over normoverschrijding en falende handhaving van imidacloprid in het Nederlandse oppervlaktewater in vooral de glastuinbouwgebieden (zie ook kaartje hieronder).

klik voor uitleg
Links: Normoverschrijding imidacloprid in oppervlaktewater volgens bestrijdingsmiddelenatlas [Centrum voor Milieuwetenschappen, Universiteit Leiden en Rijkswaterstaat-Waterdienst, download datum kaartje 9 mei 2009], rechts: bijenvolksterfte winter 2008-2009 gemiddeld per provincie volgens Bijenmonitor NCB.

Bees killed by Neo-nicotinoids in expressed Maize sap

New research by Prof. Vincenzo Girolami of the University of Padova in Italy shows Neonicotinoids in maize kill bees via water droplets. The same seed-dressed imidacloprid maize as the one used in this experiment is widely grown in the Netherlands.

Here you can see a video clip of the effects:

Bees face toxic challenge with suspect insecticide

By Thad Box - www.WesternFarmerStockman.com June 2009 - opinion

It is generally accepted that toxic bank loans caused our financial system to collapse. Now it appears that toxic substances are causing collapse of a whole host of pollinators that keep natural systems functioning efficiently. And the collapses of both the financial and biological systems are part of a larger system failure. Beginning in the 1990s, beekeepers began to suspect the systemic insecticide imidacloprid for death of bees. This is a product that is taken up by plants and becomes systemic, that is it is stored in and moves through the plant system. Once the chemical is in the nectar and pollen of the plant, nothing can protect pollinators who gather the poisoned food.

Antwoorden kamervragen Marianne Thieme

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
12 juni 2009 - kamerstuk
Kamervragen over de bijensterfte.

Geachte Voorzitter,

Hierbij zend ik u, mede namens de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de antwoorden op de vragen van het lid Thieme (PvdD) over bijensterfte en gewasbeschermingsmiddelen (nr. 2009Z08438).

petitie Stop de Bijensterfte

Burger en natuurbeheerder Jaap Molenaar, imker Peter Slootweg en wetenschapper Jeroen van der Sluijs hebben samen het initiatief genomen tot een petitie Stop de bijensterfte. De petitie is een reactie op de teleurstellende kamerbrief van minister Verburg en roept op tot het nu al nemen van een breed pakket van maatregelen tegen bekende oorzaken. De minister wil alleen meer onderzoek laten doen en stelt maatregelen uit.

Teken de petitie.
Meer over de petitie kunt u vinden op:
honingbijen.wordpress.com/actuele-situatie-actie-stop-bijensterfte/

Studium Generale lezing bijensterfte

11 juni 2009 vond in Leiden de Studium Generale bijeenkomst plaats over bijensterfte.
U kunt beide lezingen hier downloaden:

Bekijk ook de video van de lezing van Tennekes en die van Tjeerd Blacquière

Informele verslagen van de avond zijn te vinden op andere sites, zie:
http://honingbijen.wordpress.com/2009/06/12/verslag-lezing-en-debat-over...
en
http://www.imkerplatform.nl/index.php?option=com_content&view=article&id...

Standpunt van de Nederlandse Bijenhouders vereniging (NBV) over neonicotinen

Op 2 mei hebben de onderzoekers van der Sluijs en Tennekes in de NRC een discussie geopend over het gebruik van neonicotinen in land- en tuinbouw.
De NBV heeft zich hierover beraden en neemt, na advies van haar bestuivingcommissie het navolgende standpunt in.

Neonicotinen zijn voor de bijen fundamenteel gevaarlijke stoffen. Het is goed mogelijk dat er toepassingen van deze groep van bestrijdingsmiddelen bestaan die weinig risicovol zijn voor bijen. Echter het gebruik van neonicotinen, op gewassen, die bijen nodig hebben voor de bestuiving, zou gemeden moeten worden.

Minister Verburg maakt 1 miljoen euro vrij voor onderzoek naar bijenhouderij en bijensterfte

Persbericht LNV 29-05-2009 (zie ook ons commentaar)

In Nederland is gebrek aan goede en betrouwbare informatie over bijenhouderij en bijensterfte. Meer onderzoek naar bijenziekten, goede data, en het in kaart brengen van de Nederlandse imkerij is nodig voor het vinden van oplossingen voor bijensterfte. Daarom trekt minister Gerda Verburg van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) voor de komende drie jaar ongeveer één miljoen euro uit voor monitoring en onderzoek. Dit schrijft de minister in een brief aan de Tweede Kamer.

Impact of Currently Used or Potentially Useful Insecticides for Canola Agroecosystems on Bombus impatiens, Megachile rotundata, and Osmia lignaria

Research conducted using only honey bees as the indicator species may not adequately reflect the risk posed by insecticides to wild bees because of their differential susceptibility and unique biology.

C.D. Scott-Dupree, L. Conroy, and C.R. Harris

ABSTRACT Pest management practices may be contributing to a decline in wild bee populations in or near canola (Brassica napus L.) agroecosystems. The objective of this study was to investigate the direct contact toxicity of five technical grade insecticides - imidacloprid, clothianidin, deltamethrin, spinosad, and novaluron - currently used, or with potential for use in canola integrated pest management on bees that may forage in canola: common eastern bumble bees [Bombus impatiens (Cresson); hereafter bumble bees], alfalfa leafcutting bees [Megachile rotundata (F.)], and Osmia lignaria Cresson. Clothianidin and to a lesser extent imidacloprid were highly toxic to all three species, deltamethrin and spinosad were intermediate in toxicity, and novaluron was nontoxic. Bumble bees were generally more tolerant to the direct contact applications > O. lignaria > leafcutting bees.
However, differences in relative toxicities between the three species were not consistent, e.g., whereas clothianidin was only 4.9 and 1.3x more toxic, deltamethrin was 53 and 68x more toxic to leafcutting bees than to bumble bees and O. lignaria, respectively. Laboratory assessment of direct contact toxicity, although useful, is only one measure of potential impact, and mortality under Þeld conditions may differ greatly depending on management practices. Research conducted using only honey bees as the indicator species may not adequately reßect the risk posed by insecticides to wild bees because of their unique biology and differential susceptibility. Research programs focused on determining nontarget impact on pollinators should be expanded to include not only the honey bee but also wild bee species representative of the agricultural system under investigation.

Bijenvolksterfte volgens bijenmonitor Coloss


Figuur 1: Bijensterftecijfers volgens Bijenmonitor Coloss. De rode balkjes geven het totale percentage van de volken in de monitor die die de winter niet overleefden. De grijze balkjes geven het percentage aan waarbij de verschijnselen met CCD overeenkwamen.

Imidaclopridgebruik in Nederland in 10 jaar vertienvoudigd

[geupdate dec 2010]
Imidaclopridgebruik in Nederland, Bron: CBS

jaar aantal bedrijven grootte oppervlak
met gebruik (ha)
gebruik (kg)
1995 2381 5335 668
1998 6470 22631 4047
2000 8258 33660 5968
2004 8683 44223 7074
2008 niet vermeld 48425 7386

Bron: http://statline.cbs.nl/statweb/
Conclusie: in ca 10 jaar tijd is het gebruik van imidacloprid in Nederland vertienvoudigd.

Blacquière zegt: "Toch de varroa, niet het gif"

14 mei 2009, Visie: "Toch de varroa, niet het gif"

Persverkaring van Tjeerd Blacquière in reactie op de brief in NRC van 2 mei van Van der Sluijs en Tennekes

Insecticiden zijn de grote veroorzakers van de bijensterfte. Middelen als Gaucho, met als werkzame stof een zogeheten neo-nicotine, zouden daarom verboden moeten worden. Dat beweren Utrechtse onderzoekers. Niet waar, reageert de Wageningse bijendeskundige dr. Tjeerd Blacquière. De varroamijt is de grote boosdoener.

Abnormal Foraging Behavior Induced by Sublethal Dosage of Imidacloprid in the Honey Bee

E. C. Yang, Y. C. Chuang, Y. L. Chen, and L. H. Chang

Although sublethal dosages of insecticide to nontarget insects have never been an important issue, they are attracting more and more attention lately. It has been demonstrated that low dosages of the neonicotinoid insecticide imidacloprid may affect honey bee, Apis mellifera L., behavior. In this article, the foraging behavior of the honey bee workers was investigated to show the effects of imidacloprid. By measuring the time interval between two visits at the same feeding site, we found that the normal foraging interval of honey bee workers was within 300 s. However, these honey bee workers delayed their return visit for >300 s when they were treated orally with sugar water containing imidacloprid. This time delay in their return visit is concentration-dependent, and the lowest effective concentration was found to be 50 μg/liter. When bees were treated with an imidacloprid concentration higher than 1,200 μg/liter, they showed abnormalities in revisiting the feeding site. Some of them went missing, and some were present again at the feeding site the next day. Returning bees also showed delay in their return trips. Our results demonstrated that sublethal dosages of imidacloprid were able to affect foraging behavior of honey bees.


Figure 4: The ratio of missing bees after feeding on 50% sugar water containing different concentrations of imidacloprid.

Uitleg in het Nederlands: Het plaatje laat zien hoeveel procent van de bijen in het experiment van Yang na het snoepen van suikerwater met imidacloprid hun eigen volk niet meer terug konden vinden, althans, niet meer bij de kast terugkeerden. Hoe meer imidacloprid in het suikerwater werd gedaan (hoe verder naar rechts in het plaatje) hoe hoger het percentage bijen dat de weg naar de korf niet meer terug kon vinden, althans er niet meer aankwam.

Imidacloprid in alarmerende hoeveelheden in het Nederlandse oppervlaktewater

[Bijgewerkt op 19 mei 2009]
In een rapport van Alterra uit 2006 zijn emissies van bestrijdingsmiddelen uit de Nederlandse land- en tuinbouw in kaart gebracht. De normoverschrijdingen zijn het ergst bij de bloembollenteelt en de glastuinbouw.

Het rapport heeft niet naar de risico's voor bijen gekeken maar heeft wel veel voor de bijenhouderij alarmerende concentraties imidacloprid in het oppervlaktewater gevonden. Via bloeiende planten langs de slootkanten kunnen bijen er aan worden blootgesteld en ook via planten die water krijgen uit vervuilde sloten. Omdat imidacloprid een systemisch insecticide is wat zeer effectief door de wortels wordt opgenomen en in de sapstroom van de plant terecht komt, zijn de te verwachten concentraties in de planten (en dus pollen en nectar) in deze gebieden naar verwachting aanmerkelijk hoger dan de concentraties in het water, en die zijn al zeer alarmerend. Bovendien fourageren bijen ook rechtstreeks op water en voeden het broed hiermee. Op sommige meetpunten zit de concentratie imidacloprid in het water maar liefst 300 keer boven het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR = 0.013 µg/L voor Imidacloprid, waarden van 4 µg/L zijn gemeten).
Er zijn 218 metingen in 2006 die boven de 5*MTR uitkomen (de rode stippen op onderstaande kaart), uitgaand van de 2006 MTR van 0.013 µg/l. De mediaan is 0.31 µg/l (dus op de helft van de rode punten op de kaart zit imidacloprid 24x of meer boven de MTR) en het gemiddelde van de rode stippen is 0.49 µg/l (dus gemiddeld zit op een rode stip op de kaart de concentratie 37x boven de MTR norm).



Kaart van normoverschrijdingen Imidacloprid in Nederlands Oppervlaktewater 2006
Bron: Bestrijdingsmiddelenatlas
[Centrum voor Milieuwetenschappen, Universiteit Leiden en Rijkswaterstaat-Waterdienst, download datum kaartje 9 mei 2009]



Op het bovenstaand plaatje rechts de actuele sterftecijfers van bijenvolken zoals Romée van der Zee die heeft gevonden voor het jaar 2008 in haar monitoringprogramma. (Imkers van Nederland: het is cruciaal voor ons wetenschappers dat jullie de vragenlijsten van Romée invullen of je nu veel of weinig sterfte hebt, we hebben ALLE gegevens nodig, liefst van alle imkers, anders komen we er niet uit! - de link met imidacloprid is een hypothese en nog geen wetenschappelijk vastgesteld verband in Nederland, we willen weten of we op het goede spoor zitten of dat we deze factor uit kunnen sluiten en dat kan alleen met monitoringgegevens. Jullie medewerking is erg belangrijk.)

Meer nu over de gemeten overschrijdingen van het toegestane imidaclopridgehalte in Nederlands Oppervlaktewater. In een reeks documenten vonden we alarmerende feiten:

Bijen zijn belangrijk voor de natuur

Meer dan twintigduizend verschillende bijensoorten zorgen wereldwijd dat 80% van alle plantensoorten zich voort kunnen planten en evolueren.

Bron: Vaissière, B.E., Morison, N. and Carré, G., 2005. Abeilles, pollinisation et biodiversité. Abeilles et cie, 3(106), pp. 10 - 14.
(Tip: als deze link een pdf fout geeft, dan met de rechtermuisknop link opslaan als.. kiezen en daarna van harde schijf openen)

Zie ook deze boeken:

Importance of pollinators in changing landscapes for world crops

Bestuivers zijn onmisbaar voor 35% van de wereld voedsel en veevoerproductie.

BBC Documentaire bijensterfte vrijdag 15 mei 20u Nederlandse tijd BBC 2

Volgende week vrijdag is er een documentaire van de BBC Who Killed the Honeybee over de wereldwijde bijensterfte.
Uitzending is op 15 mei, BBC 2, 20.00 uur Nederlandse tijd.
Zie de BBC website voor meer informatie. Tip: meestal zijn BBC documntaires na uitzending een week lang online te bekijken op hun site.
(Met dank aan Johan die het melde op Imkerforum)

Weblog: Honingbijen en hun bedreigingen

Jaap Molenaar is vandaag een weblog gestart over Honingbijen en hun bedreigingen:
honingbijen.wordpress.com

Het motto van de blog is: Stop bijensterfte, verbied schadelijke insecticiden (neonicotinoide groep).

In de blog zal regelmatig verslag worden gedaan van alle ontwikkelingen. Tevens zal de stand worden bijgehouden van het aantal burgers dat deze actie ondersteunt maar ook de standpunten van diverse organisaties, bedrijven en politieke partijen. Bezoek de blog

Thieme stelt kamervragen over imidacloprid

Vragen van het lid Marianne Thieme (Partij voor de Dieren) aan de ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer over de bijensterfte. (Ingezonden 6 mei 2009)
Zie: Kamerstuk 2009Z08438 voor meer informatie.

Recente Belgische studie: Heeft Imidacloprid in mais invloed op bijensterfte?

Een in april verschenen studie van onze Zuiderburen stelt "Our results support the hypothesis that imidacloprid seed-treated maize has no negative impact on honey bees". De Franse biodiversiteitsonderzoekster Laura Maxim plaatst grote kanttekeningen bij de opzet van deze studie.

Syndiquer le contenu